Elke ochtend zie ik haar.
Een vrouw,
volslank haar taille, prachtig.
Borsten als zachte kneedgum,
vol en stevig

Ik ken haar niet,
ze laat me niet toe.
Wat zijn haar diepste gedachten,
wat zijn haar geheimen.

Ik zou wel met haar willen praten,
ze lijkt me
kordaat, een echte vrouw en bovenal
zie ik herkenning.

Dezelfde houding, hetzelfde gezicht,
verdrietig met vlagen.
Maar soms open als
een vrouw die zin heeft
en dat merken laat

Zin in het leven en
zin
in zichzelf
de ander

genot


We kijken elkaar aan,
het wordt me pijnlijk duidelijk,
dat ik ik ben.
en zij zij

Pak een doek,
en poets de tandpasta van de spiegel